sinterklaas-nederland.nl

Sinterklaas dobbelspel: spelregels en printversie

Het sinterklaas dobbelspel is het bekendste spel van pakjesavond: een dobbelsteen, een stapel kleine cadeautjes en een tafel vol mensen die om elkaars pakjes strijden. Hier staan de spelregels, de printversie en de varianten voor elke groep.

Zo werkt het sinterklaas dobbelspel

Het sinterklaas dobbelspel (ook wel pakjesspel of pakjesavondspel) is simpel: iedereen neemt een paar ingepakte cadeautjes mee, die gaan op een stapel in het midden, en om de beurt gooi je met een dobbelsteen. Het aantal ogen bepaalt wat je doet: een cadeautje pakken, er een doorgeven, ruilen met iemand anders of een cadeautje uitpakken. Aan het eind van het spel houdt iedereen wat er voor hem of haar ligt. Er is geen winnaar, en dat is precies waarom het werkt: het gaat om het afpakken, het doorgeven en het lachen.

Het spel heeft twee rondes. In de eerste ronde zijn alle cadeautjes ingepakt en gaat het om verzamelen, tot de stapel leeg is. In de tweede ronde, met een afgesproken tijd, wordt er uitgepakt en gewisseld, en dan wordt het pas echt spannend: iedereen weet nu wat de mooie cadeautjes zijn. Hieronder staan de regels per ronde, zoals ze in de meeste gezinnen worden gespeeld. Onderaan de pagina kun je ze als printversie downloaden en op tafel leggen.

Wat je nodig hebt

Een dobbelsteen (twee voor grote groepen), een zandloper of een telefoon met timer, en per persoon twee of drie kleine ingepakte cadeautjes. Spreek vooraf het bedrag per cadeautje af: bij volwassenen 5 of 10 euro, bij kinderen 2 tot 5 euro. Hoe meer cadeautjes op tafel, hoe langer en gezelliger het spel; met zes personen en drie cadeautjes per persoon heb je achttien pakjes, en dat is een goede avond.

Zorg dat er een paar 'toppers' tussen zitten waar iedereen op aast, en een paar bewust foute cadeaus (een blikje soep, een rol tape) die rondgaan tot iemand ermee blijft zitten. Ideeën en budgettips vind je bij de dobbelspel cadeautjes. Pak alles in, zodat niemand weet waar hij om gooit.

Ronde 1: verzamelen (alle cadeautjes blijven ingepakt)

Leg alle cadeautjes op een stapel in het midden. Om de beurt gooi je één keer. Gooi je 1: pak een cadeautje van de stapel. Gooi je 2: geef een van je cadeautjes aan je rechterbuur (heb je er geen, dan gebeurt er niets). Gooi je 3: geef een cadeautje aan je linkerbuur. Gooi je 4: ruil een van je cadeautjes met iemand naar keuze. Gooi je 5: pak een cadeautje van de stapel. Gooi je 6: iedereen geeft al zijn cadeautjes door naar links.

De eerste ronde eindigt zodra de stapel in het midden leeg is. Niemand pakt iets uit; het gaat alleen om verzamelen, doorgeven en gokken op basis van de vorm en het gewicht van het pakje. Wie aan het eind van ronde 1 niets heeft, krijgt in ronde 2 nog genoeg kansen.

Ronde 2: uitpakken en wisselen (met de zandloper)

Zet de zandloper of timer op twintig tot dertig minuten. Om de beurt gooi je weer. Gooi je 1: pak een van je cadeautjes uit (of, als alles al uitgepakt is, ruil een cadeautje met iemand naar keuze). Gooi je 2: geef een cadeautje aan je rechterbuur. Gooi je 3: geef een cadeautje aan je linkerbuur. Gooi je 4: ruil een cadeautje met iemand naar keuze; uitgepakte cadeautjes mogen ook. Gooi je 5: pak een van je cadeautjes uit. Gooi je 6: iedereen geeft al zijn cadeautjes door naar rechts.

Zodra de tijd om is, stopt het spel direct; de beurt die bezig is, wordt niet afgemaakt. Wat voor je ligt, is van jou. Wie met de soep zit, heeft volgend jaar een reden om terug te komen.

Variant voor kinderen

Met kinderen houd je het korter en simpeler. Laat de tweede ronde weg of maak hem kort (tien minuten), en gebruik een simpeler schema: 1 en 2 pak een cadeautje van de stapel, 3 en 4 geef een cadeautje door naar links, 5 en 6 pak een cadeautje uit. Zo komt er snel iets uit het papier en blijft er beweging in. Houd het bedrag laag (2 tot 5 euro) en kies cadeautjes die voor alle leeftijden aan tafel leuk zijn: snoep, stickers, een klein spelletje, een autootje, een kleurboek.

Speel je met kinderen én volwassenen, maak dan twee stapels (kindercadeautjes en volwassenencadeautjes) en laat iedereen van zijn eigen stapel pakken. Zorg dat elk kind aan het eind minstens één cadeautje heeft; een regel als 'wie niets heeft mag pakken' voorkomt tranen.

Variant voor volwassenen

Bij volwassenen mag het spel langer en gemener. Maak ronde 2 dertig minuten en voeg bij de 6 een regel toe: iedereen die een 6 gooit mag een opdracht geven aan de tafel (iedereen één slokje, iedereen van stoel wisselen, de volgende twee beurten alleen met links gooien). Of speel met twee dobbelstenen en laat een dubbele worp (twee keer hetzelfde) betekenen dat je álle cadeautjes van je buurman mag pakken.

Een andere populaire variant is het dobbelspel met lootjes: iedereen neemt één cadeau mee voor zijn lootje én twee cadeautjes voor de stapel. Eerst de lootjes, dan het dobbelspel als afsluiting. Zo heeft iedereen aan het eind in elk geval één cadeau dat echt voor hem of haar bedoeld was.

Variant voor grote groepen

Met meer dan tien spelers wordt één dobbelsteen te traag: iedereen wacht te lang op zijn beurt. Speel dan met twee dobbelstenen tegelijk, aan twee kanten van de tafel, of splits de groep in twee kringen met elk een eigen stapel. Een andere oplossing is een korte beurt: gooien, uitvoeren, meteen door, zonder discussie. Een spelleider die het tempo bewaakt, is bij grote groepen geen overbodige luxe.

Met een grote groep heb je ook meer cadeautjes nodig: twee per persoon is dan genoeg, anders duurt ronde 1 een uur. En zet de zandloper voor ronde 2 op twintig minuten, zodat de avond daarna nog ruimte heeft voor koffie en de laatste pepernoten.

De spelregels printen en bewaren

Onderaan de pagina kun je de spelregels downloaden als printversie: één A4 met de regels per worp voor ronde 1 en ronde 2, groot genoeg om midden op tafel te leggen. Zo hoeft niemand tijdens het spel de regels op te zoeken, en ontstaat er geen discussie over wat een 4 ook alweer betekende. Print er twee voor een lange tafel.

Het dobbelspel is ook een vaste gast op kerstavonden en kerstborrels geworden; dezelfde regels, ander cadeaupapier. Bewaar de printversie dus tot eind december. Meer ideeën voor de avond zelf vind je bij pakjesavond, en de cadeautjes bij de dobbelspel cadeautjes.

Veelgestelde vragen

Over de regels, het aantal cadeautjes en grote groepen.

Hoe werkt het sinterklaas dobbelspel?

Iedereen neemt ingepakte cadeautjes mee, die gaan op een stapel. Om de beurt gooi je met een dobbelsteen; het aantal ogen bepaalt of je een cadeautje pakt, doorgeeft, ruilt of uitpakt. In ronde 1 wordt verzameld tot de stapel op is, in ronde 2 wordt er uitgepakt en gewisseld tot de zandloper leeg is.

Hoeveel cadeautjes heb je nodig voor het dobbelspel?

Twee of drie per persoon. Hoe meer cadeautjes op tafel, hoe langer en gezelliger het spel. Bij grote groepen zijn twee per persoon genoeg.

Hoe lang duurt het dobbelspel?

Ongeveer een uur: ronde 1 duurt tot de stapel leeg is (twintig tot dertig minuten bij zes tot acht spelers), ronde 2 speel je met een zandloper van twintig tot dertig minuten.

Kun je het dobbelspel met kinderen spelen?

Ja, met een simpeler schema (pakken, doorgeven, uitpakken), een lager bedrag en een korte tweede ronde. Zorg dat elk kind aan het eind minstens één cadeautje heeft.

Hoe speel je het dobbelspel met een grote groep?

Met twee dobbelstenen tegelijk, of in twee kringen met elk een eigen stapel. Een spelleider die het tempo bewaakt helpt, en twee cadeautjes per persoon is dan genoeg.

Wat doe je als iemand geen cadeautjes meer heeft?

Dan gebeurt er bij een 2 of 3 niets, en bij de volgende 1 of 5 pakt diegene weer van de stapel of van een ander. Met kinderen kun je afspreken dat wie niets heeft, altijd mag pakken.